Instellingen
GPS-locatie
Geef toestemming voor het gebruik van je geolocatie. GPS-problemen? Ga naar Help voor tips.
Ga eerst naar het startpunt.
Scherm aan houden
Voorkomt dat het scherm uitvalt tijdens de wandeling. Standaard ingeschakeld.
Download wandeling
Slechte verbinding? Download de audio, afbeeldingen en kaart van deze wandeling.
Reset voortgang
Wis geopende verhalen en reset je score.
Welkom!
Deze app heeft GPS nodig om je locatie te tonen en de afstand tot verhalen te berekenen.
GPS-locatie
Geef toestemming voor het gebruik van je geolocatie. GPS-problemen? Ga naar Help voor tips.
Ga eerst naar het startpunt.
Wandel door de spetterende geschiedenis van het Amsterdamse drinkwater.
Ontdek de verhalen
Volg de route en luister naar de bijzondere verhalen die je tegenkomt.
Volg je voortgang
De app houdt je score en verzamelde verhalen bij op de Verhalen-pagina.
Download voor offline
Slechte verbinding? Ga naar de instellingen om alle verhalen te downloaden.
Niet meer tonen
Verberg dit venster de volgende keer.
Verhaal vergrendeld
Bezoek eerst deze plek om het verhaal te openen.
Missie volbracht!
Gefeliciteerd! 🥳 Je hebt de route voltooid. Je bent nu een echte waterkenner van Amsterdam!
Hier bij de Verdeelvijver begint het spektakel.
Vanaf de trap zie je goed dat we op een hoog punt staan. Dat is slim bedacht: door het hoogteverschil stroomt het water vanzelf via een ingenieus systeem van toevoersloten naar de plekken waar het de grond in mag zakken. Het zand en de bacteriën in de bodem doen daarna de rest van het werk. Kijk eens naar achteren. Zie je die strook zonder bomen? Daaronder liggen de ‘slagaders’ van ons systeem: buizen van anderhalve meter in diameter. Deze buizen brengen elk jaar 60 tot 65 miljoen kuub water vanuit de Lek naar het duin. Dat zijn 24.000 olympische zwembaden per jaar!
Daarnaast wordt een deel (30 miljoen kuub per jaar) door de pompinstallatie die je hier ziet als industriewater naar fabrieken zoals Tata Steel gepompt. In het duin wordt het rivierwater aangevuld met regenwater. De mix is ongeveer 80% rivierwater en 20% regenwater. Bij het maken van drinkwater mag niets misgaan. We nemen het zekere voor het onzekere. Zie je die groene buis? Die is aangelegd vlak voor het jaar 2000, de millenniumwisseling. Men was bang dat alle computers zouden crashen en het water nergens heen kon. Met deze buis konden we het water in een noodgeval gewoon rondpompen, zodat pompstation Oranjekom niet onder water zou lopen. Volg het pad verder tot je bij het volgende punt bent.
Vroeger was schoon drinkwater in Amsterdam niet beschikbaar.
Mensen dronken uit de grachten waar ook het riool in uitkwam. Je raadt het al: daar werd je doodziek van. In de eerste helft van de 19ᵉ eeuw bedachten Jacob van Lennep en ingenieur Christiaan Vaillant een plan. Het verhaal gaat dat Jacob en zijn vrouw Henriëtta op een warme dag op hun landgoed een glas kristalhelder duinwater dronken. Henriëtta vroeg: “Kunnen we dit water niet naar de stad brengen?” Jacob ging direct aan de slag. Hij zamelde geld in en liet een gigantische gietijzeren leiding van 23 kilometer aanleggen van de duinen naar de Haarlemmerpoort in Amsterdam. Vanaf toen konden Amsterdammers voor 1 cent een emmer schoon water kopen. En weet je wat grappig is? In al die tijd is het water niet heel veel duurder geworden! Omgerekend betaal je nog steeds ongeveer 2 cent per emmer.
“Liesje leerde Lotje lopen langs de Lange Lindelaan.” Dit is nou zo’n lindelaan.
De lindeboom is het symbool van vruchtbaarheid in de natuur. Wat valt je op aan de bomen? Inderdaad, zij hebben veel stammen. Dit komt omdat dit een hakhout laantje is. Men hakte hier vroeger hout voor houtbewerking, timmerwerk en er verdween vast ook weleens wat in de kachel. Deze laan is zo’n 300 jaar oud — hij was er dus al lang voordat men hier water ging zuiveren. Dat er in dit gebied zo veel natuur en oud landschap bewaard is gebleven, danken we ook aan de drinkwaterwinning. Het gebied is 3.400 hectare groot en ligt aan de kust in de Randstad, een van de drukste plekken van Europa. Dat is uniek. In België bijvoorbeeld is de totale oppervlakte overgebleven natuur langs de hele kust ongeveer net zo groot als dit ene gebied.
Dit is een ‘beluchtingstrap’. Door het water zo naar beneden te laten kletteren, wordt er extra zuurstof in het water geslagen.
Dat is gezond voor het water en helpt bij het zuiveren. Een deel van de bacteriën die het water in de ondergrond zuiveren hebben namelijk zuurstof nodig. Hierna verdwijnt het water in een enorme ondergrondse buis naar het infiltratiegebied. Dat gebied is een enorm netwerk van 40 geulen. Daar zakt het water door de zwaartekracht heel langzaam door het zand. In ongeveer drie maanden tijd eten allerlei bacteriën in het duinzand de schadelijke stoffen die in het water zitten op. Een 100% natuurlijk filter! Niet alleen de bacteriën in het zand zuiveren het water. Ook het riet in de geulen en de wieren in het water helpen bij deze grote schoonmaak. Uiteindelijk kwelt het water spontaan weer op in win- en voorraadkanalen. Verderop zie je nog een waterval, die heeft dezelfde functie. Er zijn twee watervallen, omdat er ook twee WRK-leidingen binnen komen. Vanuit beide cascades loopt het water verder de duinen in naar het infiltratiegebied.
Vanaf de verdeelvijvers loop je nu langs een toevoersloot.
Het is geen gezellig kronkelbeekje, maar een strakke bak van beton. Wij noemen hem liefkozend “de Betonsloot”. Een aantal jaar geleden is deze betonsloot vrijwel geheel vervangen door een ondergrondse buis. Hiermee kon het natuurlijke duinlandschap weer worden hersteld. Straks duikt het water in een grote buis onder de grond. Er is bewust voor gekozen om niet alles ondergronds te doen. Hier loopt het water nog boven de grond en wordt het eerst nog met zuurstof belucht. Daarnaast kun je hier goed zien hoe en met welke snelheid het water het gebied instroomt. Belangrijk om het verhaal van de waterzuivering aan onze bezoekers te kunnen vertellen.
We lopen nu door een dennenbos. Deze bomen horen hier eigenlijk niet — ze zijn ooit geplant voor de houtverkoop.
De rechte stammen werden gebruikt om de mijnen in Limburg te stutten. Als de mijngangen dreigden in te storten, begon het dennenhout eerst te kraken. Zo wisten de mijnwerkers dat ze weg moesten wezen. Tegenwoordig zijn de inkomsten uit houtkap niet meer nodig en wil drinkwaterbedrijf Waternet liever een gevarieerder bos. Dennen zijn namelijk echte zuipers: ze drinken veel meer water dan loofbomen en dat water hebben we nou net nodig om drinkwater te maken. Bovendien maken de gevallen naalden de grond zuur en groeit er daardoor weinig op de grond. Wij willen juist een biodivers bos, dat is meer toekomstbestendig. Daarom zie je bij sommige bomen ringen uit de bast gehakt. Zo sterft de boom langzaam. Door dode bomen te laten staan en liggen, krijgt de natuur de ruimte. Hoe meer verschillende dieren, insecten, planten en schimmels, hoe beter. Niet alleen voor de natuur, maar ook voor de kwaliteit van ons water.
Dit kanaal is met de hand gegraven. Het water dat je hier ziet, komt net terug uit de duinen.
Het heeft zijn zuiveringsreis door het zand erop zitten. Het water ziet er hier misschien wat troebel uit, minder helder dan eerder in de Betonsloot. Maar vergis je niet: dit water is veel schoner. Wat je ziet zegt niets over de kwaliteit van het water. In dit water zit ook veel meer ‘leven’, en dat is precies wat we willen. Mensen denken vaak dat het water dat ze drinken een levenloos product is, maar dat is absoluut niet zo. Allerlei goede bacteriën en micro-organismen zorgen voor water van goede kwaliteit. Daarom is er ook verschil tussen water uit verschillende bronnen.
Rond 1900 was meneer Pennink de baas van het drinkwaterbedrijf.
Hij zag dat de stad groeide en dat het water in de duinen opraakte en zout werd. Hij zei: “We moeten rivierwater in de duinen laten zakken, dat duwt het zoute water weg, en dan blijven de duinen geschikt voor winnen van drinkwater.” De gemeenteraad vond hem eigenwijs en zijn plan te duur. Ze stuurden hem weg. Maar Pennink kreeg gelijk: de duinen verdroogden en verzilten en Amsterdam dreigde zonder water te komen. Pas in 1957 deden ze wat Pennink 50 jaar daarvoor al had bedacht. Sindsdien pompen we water uit de Lek naar de duinen en hebben we nooit meer een tekort gehad.
Je ziet hier een aantal bunkers liggen in de duinen.
Die zijn gebouwd door de Duitse bezetter in de Tweede Wereldoorlog en zijn onderdeel van de Atlantikwall, een verdedigingslinie langs de hele westkust van Europa om een aanval vanuit zee af te kunnen slaan. Ook tijdens de bezetting ging de drinkwaterwinning in dit gebied gewoon door. Tegenwoordig wonen er onder andere vleermuizen in deze bunkers.
Deze dam in het Noordoosterkanaal is de laatste dam voordat het schone water bij het eindpunt in de Oranjekom komt.
Vlak voor het eindpunt moet het water nog één keer door de grote schoonmaak. Deze machine met die grote grijper en het hek is de kroosreiniger. Hij vist takken, bladeren en kroos uit het water. Dat gebeurt automatisch. Als we dit niet doen, raken de pompen die het water naar de nazuivering pompen verstopt, en dat willen we natuurlijk niet.
Kijk eens over de rand van de brug. Als je geluk hebt, zie je enorme vissen.
Dat zijn de graskarpers van Waternet. Ze zijn hier tientallen jaren geleden uitgezet om de oevers en kades schoon te houden door waterplanten en algen weg te eten. Het zijn de trouwste medewerkers: ze werken dag en nacht, zeuren nooit en houden de boel perfect schoon. Omdat deze soort zich hier niet kan voortplanten, weten we zeker dat dit nog steeds dezelfde vissen van jaren geleden zijn.
Je staat nu op het laagste punt van de duinen: de Oranjekom.
Deze verzamelvijver ligt maar een halve meter boven de zeespiegel. Aan het begin van de wandeling stond je 8,5 meter hoger! Al het gezuiverde water stroomt na een reis van gemiddeld 3 maanden door de duinen uiteindelijk vanzelf hierheen. De Oranjekom — vernoemd naar Willem de derde — is het centrale punt in de waterzuivering. Hier wordt het natuurlijk geschoonde water voor Amsterdam verzameld voordat het naar de nazuivering gaat en vervolgens richting de stad wordt gepompt. Dit prachtige art deco-gebouw uit 1931 is Bezoekerscentrum De Oranjekom. Vroeger was het geen plek voor koffie, maar een ronkend pompstation. Tot 1986 stonden hier enorme machines te loeien om het water naar verder te pompen. Het is gebouwd tijdens de crisisjaren, maar er is niet op bespaard. Ga straks zeker even binnen kijken naar de indrukwekkende machinehal met prachtige details!
Die hoge toren die je ziet is geen gewone watertoren, maar een ‘waterslagtoren’.
Als een pomp opeens start of stopt, ontstaat er een schokgolf in de leidingen (net als wanneer je thuis de kraan heel snel open doet). Deze toren vangt door middel van een bassin met water die klap op, zodat de buizen onder de grond niet uit elkaar knallen. Verderop staat ook nog een ‘normale’ watertoren, die kun je zien als je door de bomen heen kijkt. Deze toren heeft nu geen functie meer voor het drinkwatersysteem, maar werd vroeger gebruikt om druk op de waterleiding te houden bij het uitvallen van een pomp.
Hier sta je bij het nieuwe pompstation. Geen art deco meer, maar een puur functioneel gebouw.
Terwijl wij hier wandelen, wordt dit station aangestuurd vanuit een centrale regelkamer. Het doet precies hetzelfde werk als het oude gebouw, maar dan efficiënter en stiller. Het door de duinen gezuiverde water in de Oranjekom wordt vanuit hier naar na-zuiveringsinstallatie in Leiduin, aan de overkant van de weg gepompt. Daar wordt het water dat al door de duinen is gezuiverd nog nagezuiverd. Met zandfiltratie, ozonisatie, ontharding, en koolfiltratie worden ongewenste bacteriën en virussen, die niet volledig in de duinen zijn verwijderd, onschadelijk gemaakt. Het water is dan echt klaar om naar Amsterdam te gaan en gedronken te worden.
We sluiten af bij dit kleine gebouwtje: de Oude Beek.
Vroeger pompte dit schattige stationnetje het duinwater dat aan de oostzijde van het duin werd afgevangen de Oranjekom in. Omdat het waterpeil is verhoogd is dat niet meer nodig en stroomt het water er vanzelf in. In 2016 is het helemaal opgeknapt en wordt het gebruikt als vergaderlocatie voor Waternet. Daarbij zijn de originele kelders uitgegraven waardoor de pompen en installaties weer zichtbaar zijn. Hiermee ben je bij het laagste punt van je wandeling. Je hebt nu de hele reis van je kraanwater in de duinen afgelegd. Van het rivierwater dat hier de duinen instroomt, via het zuiverende duinzand, tot aan de pompen die het via de nazuivering naar de stad pompen. Hopelijk smaakt een glas water straks extra lekker nu je weet wat een reis het hier door dit prachtige gebied heeft afgelegd en hoe belangrijk de rol van de natuur hier is. Eentje die we moeten blijven koesteren